Werkt dulaglutide bij NAFLD bij type 2 diabetes? Ja, althans, de hoeveelheid levervet neemt af.

Non-alcoholic fatty liver disease (NAFLD) kennen we als een vage tijdbom die bij veel patiënten met type 2 diabetes (t2DM) voorkomt, maar bijna nooit afgaat. Immers, progressie naar nonalcoholic steatohepatitis (NASH) treedt in slechts 30% op en verdere progressie naar cirrose opnieuw in rond 30%. Bovendien verloopt deze progressie eerder in decaden dan in jaren. Maar omdat NAFLD zo vaak voorkomt, is er toch een probleem. De vraag is nu of wekelijkse toediening van de GLP-1 receptor agonist dulaglutide de hoeveelheid levervet vermindert. Hieronder de resultaten van een RCT recent gepubliceerd in Diabetologia. https://doi.org/10.1007/s00125-020-05265-7

Methoden

Vierenzestig patiënten met t2DM en een hoeveelheid levervet van > 6.0% (MRI proton density fat fraction-assessed LFC) werden gerandomiseerd over behandeling met of wekelijks dulaglutide of alleen gebruikelijke zorg gedurende 24 weken. Het primaire eindpunt was de verandering in levervet. Secundaire eindpunten waren veranderingen in hoeveelheid pancreatisch vet, in elasticiteit van de lever gemeten met fibroscan (vibration-controlled transient elastography) en in leverenzymen.

Resultaten

Tweeëndertig patiënten werden gerandomiseerd naar de dulaglutide groep en 32 naar de controle groep. Tweeënvijftig deelnemers konden worden geïncludeerd in de per-protocol analyse: alleen van hen waren er MRI-PDFF gegevens bij de start en na 24 weken. Behandeling met dulaglutide leidde tot een absolute verandering van levervet in vergelijking met de controles van −3.5% (95% CI −6.6, −0.4; p = 0.025) en een relatieve verandering van −26.4% (−44.2, −8.6; p = 0.004), overeenkomend met een 2.6x sterkere afname. Bij de met dulaglutide behandelde deelnemers was er ook een significante afname in γglutamyl transpeptidase (GGT) waarden (gemiddeld verschil tussen groepen −13.1 U/l [95% CI −24.4, −1.8]; p = 0.025) als ook niet significante afnames van ASAT en ALAT. De elasticiteit van de lever veranderde niet. Ernstige bijwerkingen deden zich niet voor.

Conclusie

Behandeling van NAFLD bij t2DM gedurende een half jaar met wekelijks dulaglutide leidt tot afname van levervet en GGT waarden. Een soortgelijke waarneming was al gedaan bij het korter werkende liraglutide.  Is dit nu groot nieuws? Nee, maar het stelt gerust dat de wekelijkse en dus weinig belastende therapie met een GLP-1 RA althans het levervet vermindert en het GGT doet afnemen. Of dit ook betekent dat de progressie van NAFLD naar NASH wordt voorkomen is nog maar de vraag. Langer lopende studies die gebruik maken van leverhistologie zullen daar helderheid over moeten geven.

Plaats een reactie